Het idee voor deze site komt uit het briljante brein van David Coppedge. Een aantal van deze artikelen zijn dan ook (met toestemming) gebaseerd op de newsfeeds van zijn Creation Evolution Headlines. Nadruk toegevoegd in alle aanhalingen, tenzij anders aangegeven.
1. Eenzame fossielen
2. Een motor die zichzelf al draaiend repareert
[Meer artikelen...]
Eenzame fossielen
Geplaatst: 24 juni 2010
Bijgewerkt: 5 juli 2010
Over de hele wereld worden fossielen gevonden. Heel vaak wordt bij de ontdekking van een nieuw fossiel de veronderstelde plaats in het 'fossielenverslag' bepaald. Dit 'verslag' is de veronderstelde evolutionaire geschiedenis van al het leven op aarde. Maar dat is niet altijd even makkelijk. Veel fossielen lijken heel erg veel of zelfs precies op beesten die nog steeds leven. De verklaring die aangedragen wordt, is dat deze wezens zo goed 'aangepast' zijn dat ze niet meer hoeven te evolueren. Maar er is nog een ander probleem: de meeste van deze fossielen hebben ook geen duidelijk aanwijsbare (mogelijke) evolutionaire voorloper.
Neem het bericht op Science Daily: Een fossiel van een wesp. De oudste tot nu toe. Lijkt sprekend op hedendaagse wespen. Dit beestje zou dan 34 miljoen jaar niet of nauwelijks veranderd zijn. Dat is bijna zes keer zo lang als de tijd die nodig zou zijn geweest om mensen uit apen te laten evolueren. Dat een beestje zo lang niet verandert noemen ze gemakshalve 'stasis', omdat het stil is blijven staan in de (veronderstelde) continue ontwikkeling van soorten. "Als het werkt, hoeft het ook niet veranderd te worden," zegt men dan. Maar als onze aapachtige voorouders 'goed werkten', waarom zijn ze dan in mensen veranderd?
Of wat dacht je van dit bericht op PhysOrg, waar men het heeft over in amber gevangen beestjes. Er wordt gesproken over een 100 miljoen jaar oud fossiel van een gekko, waarbij aan de tenen exact dezelfde structuur ontdekt is als bij de hedendaagse gekko's, die ze in staat stelt om tegen gladde verticale vlakken op te lopen en zelfs ondersteboven aan het plafond te hangen. In het artikel wordt wel een mogelijke verklaring gegeven waarom soorten uitsterven, maar hoe de complexe eigenschappen van bijvoorbeeld gekko's zouden zijn ontstaan, is blijkbaar nog steeds een raadsel. Uitsterven is geen evolutie, het veegt de soorten van de kaart die zich niet kunnen aanpassen, maar het verklaart niet hoe nieuwe genetische informatie ontstaat.
Het oudste fossiel van een pelikaan (30 miljoen jaar oud) is volgens de BBC News gevonden in Frankrijk. Ook dit exemplaar verschilt niet of nauwelijks van de moderne pelikanen, afgezien van iets andere verhoudingen is er niets primitiefs aan. Onderzoekers zijn verrast. Geen merkbare evolutie in 30 miljoen jaar. In het artikel wordt ook de vleermuis genoemd, die 50 miljoen jaar hetzelfde is gebleven. Volgens de aangehaalde wetenschapper is dat de enige die verder nog bekend is. Dit is echter niet waar, er zijn namelijk vele voorbeelden van. Denk bijvoorbeeld eens aan de degenkrab, die een veronderstelde 500 miljoen jaar onveranderd is gebleven, net als vele andere leden van de 'Cambrische Explosie' en vele 'levende fossielen'. Er werd ook weer niet gesproken over een mogelijke voorouder van de pelikaan. In een artikel op New Scientist wordt het fossiel een "evolutionaire puzzel" genoemd en een mogelijke oplossing is ver te zoeken; niet alleen voor de pelikaan, maar ook voor verwante vogelsoorten.
Kleine knaagspoortjes op dinosaurusbotten geven aan dat er 75 miljoen jaar geleden al knaagdieren met vergelijkbare voortanden waren, aldus PhysOrg. Er werd gespeculeerd of deze oerknaagdiertjes wel zo goed konden knagen als de hedendaagse, maar die stelling is moeilijk hard te maken.
PNAS heeft een artikel over onder andere nijlpaarden en walvissen, waarin gezocht wordt naar een mogelijke gemeenschappelijke voorouder. Maar recent onderzoek heeft geen duidelijk verwantschap aangetoond. Er werden tanden van 26 verschillende soorten vergeleken, maar toont dat ook verwantschap aan? Er zijn walvisfossielen van 55 miljoen jaar oud en nijlpaardfossielen van 16 miljoen jaar oud. Kijken we naar nijlpaarden en walvissen, dan zien we uiterlijk niet veel overeenkomsten. Hoe zou een gemeenschappelijke voorouder eruit moeten zien?
Aanvulling 5 juli: BBC News kwam vorige maand nog met een bericht over zoogdierharen, gevat in een stuk amber van 100 miljoen jaar oud (uit het 'Krijt tijdperk', gesteld op 145 - 65 miljoen jaar geleden). Van deze haren werd gezegd dat ze, net als de bovenstaande voorbeelden, wel erg veel lijken op die van hedendaagse zoogdieren. Er zijn overigens nog veel meer kleine beestjes gevonden in amber. Meestal is de overeenkomst met de ons bekende vorm vrij duidelijk te zien (zie ook dit CMI artikel). Een interessant detail is overigens dat er voor het ontstaan van amberfossielen een grote hoeveelheid water nodig is (CMI).
|
Heel vaak horen we het: 'stasis', 'niet veel veranderd', 'ouder dan gedacht', 'vroegste vorm gevonden'. Niets ervoor en niets erna, behalve in de verbeelding van de onderzoeker. 'Weesfossielen' (althans in evolutionistische zin). O ja, er is enige verandering, maar een walvis blijft een walvis, een pelikaan blijft een pelikaan en een wesp blijft een wesp. In het fossielenverslag vindt geen evolutie plaats. Uitsterving, dat wel, maar geen innovatie. We leven nu zelfs in een arme tijd, wat vormenrijkdom betreft. Wat de fossielen laten zien is dat ze plotseling verschijnen en daarna blijven ze vrijwel onveranderd. Je kunt de overduidelijke en meest logische verklaring voor dat feit niet wegtoveren met een mooi woord als 'stasis', dat je als toverstokje over een fossiel beweegt, met de spreuk: "En gij, kleine wesp, gij zult de magische kracht hebben om de alomtegenwoordige macht van natuurlijke selectie te weerstaan! Ik verklaar u ongevoelig voor haar invloed!... Staaasiiissss." De wesp raakt in een hypnotische trance en blijft vervolgens 34 miljoen jaar in stasis, terwijl de hele wereld om hem heen draait in een continue stroom van evolutionaire innovatie. Zie hier de kracht van geladen woorden.
'Levende fossielen' is ook zo'n mooie uitdrukking. Er zijn dieren waarvan men dacht dat ze al tientallen of honderden miljoenen jaren geleden waren uitgestorven en ineens duiken ze weer op. Maar wat is de meest logische conclusie als je naar al deze informatie kijkt? Het fossielenverhaal is een mythe. De fossielen vertellen wel een verhaal, maar niet dat alle levende wezens een gemeenschappelijke voorouder hebben. Ze vertellen het verhaal van een wereld die er eens was en er nu niet meer is. Van een wereldwijde ramp (of een aantal rampen) waarbij veel vulkanisme, water en modder betrokken was. Kijk eens hoe men op WikiPedia het overleven van de Wollemia nobilis verduidelijkt: "Het is echter fout te beweren dat Wollemia nobilis al minstens 91 miljoen jaar bestaat. Deze soort is "slechts" de laatste levende verwante van de fossiele exemplaren, die weliswaar erg grote gelijkenis vertoont met de fossielen, maar daarom gaat het nog niet om precies dezelfde soort." Toch is er in de veronderstelde 91 miljoen jaar bijzonder weinig veranderd aan deze boom. Wat iets beschamends zou moeten zijn voor de 'miljoenen jaren gelovige', wordt eenvoudig weggeredeneerd.
'Stasis' of 'toch niet dezelfde soort'? Hoe belangrijk is het in deze tijd om de lariedetectie te beheersen! Laten verslaggevers en WikiPedia-schrijvers eens iets kritischer worden. Ga het wetenschapsnieuws eens zorgvuldig lezen en stel de juiste vragen: Waar is die evolutie? Waar is het werkelijke bewijs voor een langzame geleidelijke evolutie van microbe naar mens? Waar zijn de miljoenen jaren?
Jij laat je toch ook niet voor de gek houden?
|
[Meer artikelen...]
Een motor die zichzelf al draaiend repareert
Geplaatst: 15 juni 2010
Een recent onderzoek, gepubliceerd door de PNAS, lijkt aan te tonen dat het bacteriële flagellum (dat 'staartje' waarmee een bacterie zich voortbeweegt) delen van de rotor kan vervangen terwijl hij draait, met een snelheid van enkele honderden tot duizenden omwentelingen per minuut. Deze moleculaire motor is een icoon geworden van de Intelligent Design beweging. Eerdere onderzoeken hebben al aangetoond dat delen van het stationaire gedeelte (de stator) tijdens het draaien vervangen werden, maar nu lijkt het ook bij de rotor te gebeuren. Het piepkleine motortje bestaat uit meerdere afzonderlijke onderdelen (eiwitcomponenten). Een bacteriën zelf zijn al zo klein dat we ze niet met het blote oog kunnen zien, maar deze kleine levende 'dingetjes' hebben ook nog eens één of meer van die kleine motortjes, die weer uit allemaal onderdelen bestaan. De onderzoekers weten al heel veel van deze motortjes, maar zeggen zelf dat ze nog maar net beginnen te begrijpen hoe het werkt. De eerste zin van het onderzoeksrapport begint met: "De bacteriële flagellummotor is een van de meest complexe biologische nanomachines." Met behulp van gespecialiseerde technieken konden bewegende onderdelen van de rotor zichtbaar gemaakt worden in tijdvakken van 30 tot 40 seconden, waarin de onderdelen veranderingen ondergingen. Dit kan zijn omdat er onderhoud plaatsvond of omdat deze verandering nodig is voor een functioneel doel, bijvoorbeeld het omdraaien van de draairichting van de motor. Bij de E-coli bacterie (die vier tot acht flagella bezit) kan het ook te maken hebben met het synchroniseren van de motoren. Hoe dan ook, de ontdekkingen zijn spectaculair en we kijken met spanning uit naar de verdere ontwikkelingen op dit gebied.
|
Wat is er nu zo spectaculair aan deze ontdekkingen? Eenvoudigweg dit: hoe meer men deze dingen gaat bekijken, hoe minder waarschijnlijk een evolutionaire oorsprong wordt. De schrijvers van dit rapport hadden het dan ook helemaal niet over evolutie. Hier hebben we een mogelijk voorbeeld van onderhoud aan een motor die in bedrijf is! In ieder geval veranderen er dingen in de draaiende delen om iets te bewerkstelligen. Dit is zeer hoogstaand technologisch vernuft. Probeer je eens voor te stellen hoe dat zou moeten bij een draaiende buitenboordmotor, als er iets veranderd moet worden aan de stand van de schoepen, of als er één vervangen moet worden. De ontdekkingen wijzen ook uit dat de flagella reageren op signalen vanuit de omgeving. Stel je een buitenboordmotor voor die ook nog reageert op de temperatuur en samenstelling van het water. Bij het flagellum lijken de onderdelen ook klaar te liggen voor gebruik, want zodra er een nieuw onderdeel nodig is, treedt er een mechanisme in werking dat die onderdelen op de juiste plaats aanbrengt. Hoe dit precies gebeurt heeft men nog niet kunnen ontdekken.
Onderhoud en opslag van reserveonderdelen... we hebben het hier over bacteriën. Stel je voor dat je met iemand langs een plasje met vies water wandelt en terloops opmerkt: "O kijk, daar heb je een machinepark met geautomatiseerde processen en routinematige controles, geregeld door feedbacksoftware en netwerken van zelfstandige computergestuurde units met een opslagcapaciteit van enkele gigabites per stuk. Hè, lekker weertje vandaag... O ja, er vindt ook nog geautomatiseerd onderhoudswerk plaats waarbij onderdelen worden vervangen zonder dat het proces stilgelegd hoeft te worden... Kauwgompje?"
Laat je niet voor de gek houden mensen, voor Darwin waren deze cellen niet meer dan een ondefinieerbare geleiachtige substantie, die men bij gebrek aan een betere term 'protoplasma' (heel suggestief - 'eerste levende substantie') noemde. Iedereen die in het licht van de huidige microbiologie nog zo denkt, zou 39 zweepslagen met een natte flagellum moeten krijgen. Er wordt in dit soort rapporten vrijwel nooit iets over evolutie gezegd, gewoon omdat het totaal geen toegevoegde waarde heeft. Evolutie is bankroet. Het tierde welig in een ander tijdperk, toen bepaalde mensen niet beter wisten. Maar dit is het informatietijdperk. De enige theorie die dit soort dingen zinvol kan verklaren is Intelligent Design.
|
[Meer artikelen...]
|
|