Schepper en Zoon
Archief maart 2008
Filosofie Schepper en Zoon? Feiten Helder Denken Verwijzingen
De meeste artikelen zijn gebaseerd op de newsfeeds van Creation Evolution Headlines, met toestemming gebruikt. Nadruk toegevoegd in alle aanhalingen, tenzij anders aangegeven.

1. Genen gaan te rap in reptiel
2. Wraak en weldaad zonder Darwin
3. Bouwstenen van het leven geven leven?
4. Het moet niet gekko-er worden
5. Toch 6000 jaar oud?
6. Wat was er eerder: ei of kip?
7. Een rivier die omhoog stroomt?
8. Het probleem van de wortel
9. 'Oplossing' geen verrassing voor creationisten




[Meer artikelen...]

Genen gaan te rap in reptiel
Geplaatst: 27 maart 2008

Je zou verwachten dat levende fossielen niet zo snel zouden 'evolueren'. Maar een reptiel in Nieuw Zeeland, dat '200 miljoen jaar' onveranderd is gebleven, 'evolueert' op DNA niveau toch sneller dan alle andere tot nu toe onderzochte beesten. Dit lezen we in een artikel op EurekAlert, over de Tuatara. Levende fossielen (relicten) zijn beesten die nu nog leven en nagenoeg niet afwijken van hun soortgenoten die zogenaamd miljoenen jaren geleden leefden. Volgens evolutionisten zou zo'n beestje dan zo 'goed' of 'sterk' zijn, dat het niet meer verder hoeft te evolueren. Als dit echt het geval zou zijn, zou je dus verwachten dat er op moleculair niveau niet zo veel verandert. Want het evolutieproces zou zich juist in de genen afspelen. Volgens het artikel gaat de evolutie van dit reptiel verrassend genoeg veel sneller dan die van beren, leeuwen, ossen en paarden, die toch verondersteld worden in een veel kortere tijd geŽvolueerd te zijn vanuit eenvoudiger voorouders. Nu beweren de auteurs dat de snelheid van moleculaire evolutie en die van morfologische evolutie (de uiterlijke vorm) niets met elkaar te maken hebben. Die conclusie lijken ze uit de resultaten van dit onderzoek te trekken. Maar als moleculaire verandering geen vormverandering teweegbrengt, hoe zijn olifanten en giraffen dan ontstaan?
Volgens Wikipedia betekent de naam Tuatara 'stekelige rug' in het Maori en worden er sinds 1974 pogingen gedaan deze soort voor uitsterven te behoeden. Hoe kan het dat dit beestje 200 miljoen jaar overleefd heeft en nu toch nog met uitsterven bedreigd wordt?

In plaats van te erkennen dat hun uitgangspunten niet kloppen, verzinnen ze er weer een nieuwe veronderstelling bij. Want evolutie is waar, hoe je het ook went of keert. Zo denk je dat ze een betrouwbaar mechanisme hebben voor hun vage beweringen, en zo tasten ze blijkbaar weer volkomen in het duister. Het reptiel is in '200 miljoen jaar' niet veranderd en toch verandert het nu, maar niet in een andere soort, terwijl andere beesten in veel kortere tijd iets totaal anders werden. Verandering aan de binnenkant heeft 'dus' niets te maken met verandering aan de buitenkant... Dit is niet het enige beestje waarbij ze deze gebrekkige logica moeten toepassen (zie de fossielen). Maar als die vage hypothese van Gould waar is, dat evolutie in korte, snelle groeispurten gaat, met lange perioden van stilstand ("punctuated equilibrium"), dan is dit een mooie testcase. Kunnen we nu eindelijk eens evolutie in actie zien... Een nieuw soort vliegend reptiel? Eentje met wielen misschien? Nee wacht, eentje met straalaandrijving, dat lijkt me leuk!
Okť, even voor de beledigde evolutionisten: ik weet wel dat dit geen goed argument is, het was een cynisch grapje, maar kijk nu eens kritisch naar jullie eigen verhaal. Je kunt toch niet blijven beweren dat een reptiel uit een vis is ontstaan, terwijl je niet eens ťťn duidelijk voorbeeld kunt vinden van een overgangsvorm tussen die twee totaal verschillende diergroepen. Denk nog eens terug aan het pijnlijke verhaal van de Coelacanthus. Zou er misschien ook iets mis kunnen zijn met dat hele concept van miljoenen jaren? Zou het hele concept van de evolutietheorie en de 'oorsprong der soorten' ook ťťn grote misvatting kunnen zijn? Bevat de Bijbel niet een veel aannemelijker scenario?

Bron: CEH 24 maart 2008
[Meer artikelen...]

Wraak en weldaad zonder Darwin
Geplaatst: 25 maart 2008

Biologie is niet het enige vakgebied dat van Darwinistische aannames aan elkaar lijkt te hangen. De psychologie is ook vaak doorspekt van evolutionistische vooronderstellingen. In een paar recente wetenschappelijke publicaties staat Darwin echter met een mond vol tanden. De invloed van Darwin heeft al menig psycholoog ertoe gebracht om evolutionistische uitspraken te doen over het ontstaan van oorlog, altruÔsme, muziek, taal, cultuur, en vele andere menselijke eigenaardigheden. Zowel de goede als de slechte eigenschappen (tot aan moord en verkrachting toe) worden ingepast in de veronderstelde ontwikkeling van de mens, sinds hij 'uit Afrika' trok. Alles wordt toegeschreven aan dingen als aanpassing aan de groep, individuele selectie, of beide.
  Nu zien we in een publicatie in Nature.1 , met de titel "Winnaars straffen niet", een studie over wraak nemen. In de zoektocht naar de evolutionaire oorsprong van dit opmerkelijke menselijke gedrag vingen de onderzoekers bot. Een logische oorzaak kon niet gevonden worden. Wraak gaat vaak ten koste van de persoon zelf en heeft ook nog eens een slechte invloed op de groep, bleek uit het onderzoek. Het lijkt in alle opzichten zinloos te zijn en het zou niet voor selectie vatbaar moeten zijn. De sterkste overleeft, maar de sterkste is meestal juist niet degene die wraakzuchtig is: "winnaars straffen niet" en leven, maar "verliezers straffen en sterven". Het zou "mogelijk om andere redenen geŽvolueerd" zijn. Welke reden dat precies moest zijn konden ze natuurlijk niet met zekerheid zeggen en ze moesten zich beperken tot enkele suggesties. Hoe dan ook, het is interessant dat 'Darwin' op dit moment geen goede verklaring heeft voor deze vreemde menselijke eigenschap. In hetzelfde nummer van Nature,2 noemden twee Duitse recensisten het hele geval een lastige "evolutionaire puzzel". Het behoeft geen nadere uitleg dat de Bijbel voor het fenomeen uiteraard een eenvoudige en logische verklaring heeft.
  Een andere publicatie in Science 3  ging over het geven van geld. Daarin werd niet eens een poging gedaan om een Darwinistische verklaring te geven. Het blijkt dat het aan anderen uitgeven van geld (dus het niet voor jezelf houden) een mens gelukkiger maakt. Verschillende experimenten toonden aan dat de ondervraagde mensen die geld weggaven op meerdere vlakken in hun leven gelukkiger waren dan andere proefpersonen die het geld aan zichzelf uitgaven.
  Ze haalden nog net niet de woorden van Jezus aan: "het is beter te geven dan te ontvangen", maar het is duidelijk dat hier weer een Bijbels principe bevestigd is door de experimentele wetenschap. Het verlangen naar veel geld, zonder het te willen delen met anderen wordt in de Bijbel zelfs "de wortel van allerlei kwaad" genoemd. De schrijvers van de publicatie durfden aan het eind zelfs te beweren dat het promoten van 'pro-sociaal' uitgeven uiteindelijk een heel volk gelukkiger zou kunnen maken.


1.  Dreber, Rand, Fudenberg, en Nowak, "Winners donít punish," Nature 452, 348-351 (20 maart 2008) | doi:10.1038/nature06723.
2.  Manfred Milinski en Bettina Rockenbach, "Human behaviour: Punisher pays," Nature 452, 297-298 (20 maart 2008) | doi:10.1038/452297a.
3.  Dunn, Aknin and Norton, "Spending Money on Others Promotes Happiness," Science, 21 maart 2008: Vol. 319. no. 5870, pp. 1687-1688, DOI: 10.1126/science.1150952.

De wetenschap bevestigt de Bijbel. Of het nou over biologie, natuurkunde, geschiedenis, aardrijkskunde, of psychologie gaat. Menselijke verklaringen en filosofieŽn lijken meer op een kapotte klok. Ze lijken af en toe te kloppen (eens in de 12 uur geeft de klok de goede tijd aan), maar de Bijbel hoeft nooit bijgesteld te worden. Misschien moeten we bij bepaalde gevallen even kijken of we de tekst wel goed hebben geÔnterpreteerd, maar over het algemeen is de Bijbel vrij duidelijk over de juiste interpretatie van de feiten. We hebben de wetenschap (of eigenlijk de overijverige wetenschappers die de feiten evolutionistisch willen verklaren) niet nodig om ons te vertellen hoe we ons moeten gedragen. Daar had God allang de juiste richtlijnen voor gegeven. En, beste dominees, voorgangers en huiskerkleiders, jullie hoeven je niet bezwaard te voelen bij de aankondiging van 'liefdegaven', 'het offer', 'de collecte', of hoe je het ook wilt noemen. Je maakt er mensen alleen maar gelukkiger mee.

Bron: CEH 21 maart 2008
[Meer artikelen...]

Bouwstenen van het leven geven leven?
Geplaatst: 24 maart 2008

In ons universum bestaat alles uit atomen en moleculen. Ook alles wat leeft. Je zou kunnen zeggen dat elk molecuul en elk atoom dat in een levend organisme aanwezig is, gezien kan worden als een bouwsteen van het leven. Koolstof is bijvoorbeeld heel belangrijk voor het leven, maar het is ook een bouwsteen van cyanide en een aantal andere giftige en dodelijke stoffen. Het zit hem dus niet alleen in de aanwezigheid van een aantal eenvoudige basisbouwstenen, het gaat erom hoe ze in het complexe 'bouwwerk' zitten. Een hoopje scrabbleletters kunnen door een kind dat niet kan lezen aan elkaar gelegd worden, maar de kans is groot dat het eindresultaat niets betekent. Het leven kan echter vergeleken worden met een zeer uitgebreide encyclopedie (DNA) waarvan de informatie door moleculaire machines gelezen wordt, die de bouwstenen via een dynamisch proces op de juiste manier in elkaar zetten. Evolutionisten geloven dat de bouwstenen (onder de 'juiste omstandigheden) vanzelf in de juiste volgorde gaan zitten. Niemand zal echter beweren dat silicium samen met arseen, boor, gallium en fosfor (onder de juiste omstandigheden) spontaan een complexe computerchip zal vormen. Zo zullen 'organische moleculen' ook nooit zomaar leven vormen, maar toch is het voor evolutionisten nodig om dit te geloven, anders hebben ze geen basis voor hun theorie. Ze gebruiken dan ook graag het woord 'organisch' bij deze moleculen, zodat het lijkt alsof ze daarvoor 'bestemd' zijn, alsof ze automatisch leven zullen produceren wanneer ze op de juiste manier en in de juiste volgorde bij elkaar komen. Ze praten over een 'oersoep' van 'prebiotische componenten' en wekken de suggestie dat het denkbaar is dat hieruit 'eenvoudige' levende organismen ontstaan.
  Zo ook weer in een artikel van EurekAlert, waar gesuggereerd wordt dat slechts de aanwezigheid van de juiste hoeveelheid zuurstof op bepaalde momenten in een ver verleden het leven mogelijk maakte. Zuurstof kan echter ook dodelijk zijn als het in ons lichaam niet precies door de juiste enzymen op de juiste manier verwerkt wordt. Datzelfde geldt voor koolstof. Op zich is dat atoom pas nuttig voor een organisme als het ook weer in de juiste verbinding op de juiste manier verwerkt wordt. Waarom hoor je dan in de media overal het L-woord (leven) wanneer er methaan wordt gevonden in de omgeving van een nabije ster? Methaan is de meest eenvoudige koolstofverbinding (een molecuul dat bestaat uit 1 koolstofatoom en 4 waterstofatomen), dat eenvoudig gevormd wordt en veel voorkomt in ons zonnestelsel. Het wordt geproduceerd als bijproduct in levende organismen (afval dus), maar vormt geen onderdeel van de voedingsstoffen voor het leven. Toch zien overenthousiaste verslaggevers het graag als een mogelijk opstapje voor nieuw leven. In een artikel van BBC News werd hierover gerept, hoewel de wetenschappers moesten toegeven dat leven op de planeet in kwestie vanwege de hitte niet mogelijk was. Toch moest Dr Giovanna Tinetti wel zeggen dat ze het veel te arrogant zou vinden als wij zouden denken dat wij de enigen zijn die in het universum leven. Sinds wanneer is arrogantie een argument voor het wel of niet spontaan ontstaan van leven? Deze planeet is te heet. Als een planeet te ver van zijn zon afstaat is hij te koud. Ze zoeken naar een planeet die niet te warm is en niet te koud. Die zit in de zogenaamde "Goudlokje-zone": precies warm genoeg om water te kunnen bevatten. En daar zijn we weer bij de aloude veronderstelling dat water toevoegen voldoende is om leven te krijgen... Een soort oer-aanmaaksoep dus. Bij Science Daily kwam een wetenschapper van de NASA met het idee dat dit een "cruciale stap" is voor het onderscheiden van "prebiotische moleculen" op andere planeten. Op Space.com was het L-woord niet van de lucht, evenals bij National Geographic, waar deze ontdekking gezien werd als iets dat in de toekomst kan helpen bij het zoeken naar leven.
  Eiwitten bestaan uit lange ketens van bepaalde aminozuren. Deze moleculen zijn ook gebaseerd op koolstof. Er zijn eenvoudige, maar ook heel ingewikkelde aminozuren. Van alle mogelijke combinaties zijn er voor het leven maar twintig in gebruik. Het zijn echter niet de moleculen op zich die leven veroorzaken maar de specifieke volgorde waarin ze aan elkaar zitten. Die volgorde wordt bepaald door de informatie in het DNA, die op een zeer ingewikkelde manier gelezen en gebruikt wordt. Het vinden van een stelletje losse aminozuren in meteorieten maakte wetenschappers helemaal opgewonden, lezen we op Eurekalert (1) en Eurekalert (2). Ze suggereerden dat 3.8 tot 4.5 miljard jaar geleden een gestage regen van meteorieten de juiste bouwstoffen aandroeg, waardoor leven kon ontstaan in de oceaan. Het probleem dat water een vijandige omgeving is voor de verbindingen tussen aminozuren wordt hierbij gemakshalve altijd even terzijde geschoven. Ja, want "we weten" ten slotte dat het leven ontstaan is; en leven heeft aminozuren nodig; aminozuren komen met meteorieten mee, dus moet dat wel de oorzaak zijn...
  Water is altijd goed voor het losmaken van het L-woord. Dat zien we weer in een artikel van het Jet Propulsion Lab, waar stof rond sterren, vermengd met water, voor de wetenschappers een aanleiding was om te beweren dat dit "licht zou kunnen werpen op de oorsprong van leven in ons eigen zonnestelsel". Strooi het poeder om een ster, voeg water toe, even roeren en...

Het vinden van koolstof, zuurstof, water en aminozuren op zich heeft niets te maken met de juiste omstandigheden voor het ontstaan van leven. Wat telkens weer mist is de toevoeging van het meest belangrijke ingrediŽnt: intelligentie. Zonder een intelligente samenstelling van de benodigde componenten is er geen leven. Het zomaar ontstaan van leven heeft tot nu toe alleen nog maar plaats gevonden in de (zeer knap ontworpen) koppen van uiterst complexe levensvormen die wij mensen noemen. Het voorstellingsvermogen van de mens is een geweldig middel om je te verplaatsen in de belevingswereld van anderen en om een situatie van te voren in te schatten. Het is echter niet bedoeld om een wereld te verzinnen zonder Degene waarvoor wij verantwoording moeten afleggen. De schepping zit knap in elkaar. Leven kan alleen bestaan omdat alle onderdelen op een perfecte wijze op elkaar zijn afgestemd. De enige logische Veroorzaker van dit alles is de God van de Bijbel.

Bron: CEH 19 maart 2008

[Meer artikelen...]

Het moet niet gekko-er worden
Geplaatst: 19 maart 2008

Zoals we al eerder zagen, zijn gekko's een bron van inspiratie. Het verhaal krijgt echter nog een staartje: op Science Daily en PhysOrg wordt beschreven hoe een vallende gekko ervoor zorgt dat hij (net als een kat) mooi op zijn pootjes terecht komt. Hij doet dat echter niet zoals een kat met een draaiing van de rug, maar hij maakt gebruik van zijn staart, waarbij de rug juist recht blijft. Het blijft een wonderlijk beest. Zijn plaktenen kunnen hem een meter per seconde omhoog of ondersteboven laten lopen, langs de gladste oppervlakten (zoals glas). Daarbij hechten zijn poten door Van der Waalskrachten in 5/1000 van een seconde, om weer los te laten in 15/1000 van een seconde. En dat doen die pootjes dan 30 keer per seconde, terwijl de gekko recht omhoog loopt. Als hij dan toch zijn grip verliest, kan hij zich met behulp van zijn staart in enkele duizendsten van een seconde recht draaien. Diezelfde staart houdt hem dan ook nog recht totdat hij landt. Ze kunnen zo zelfs een beetje sturen. De onderzoekers kwamen hier achter door de gekko in een windtunnel te plaatsen. De staart werkt ook nog als een stabilisator bij het beklimmen van glibberige oppervlakken en wanneer hij (tot wel 60 graden) achterover leunt, gebruikt de gekko hem net als een fietsstandaard. Volgens de onderzoekers is de werking van de gekkostaart al nuttig bij het ontwerpen van klimmende robots, maar het zou ook goed gebruikt kunnen worden voor onbemande zweefvliegtuigen en in de ruimtevaart.


Oorspronkelijke publicatie: Jusufi, Goldman, Revzen and Full, "Active tails enhance arboreal acrobatics in geckos," Proceedings of the National Academy of Sciences USA, 17 maart online gepubliceerd, 10.1073/pnas.0711944105.

Geen enkele vermelding van evolutie, alleen maar intelligent ontwerp. Mooi he? Wie zou dat toch allemaal verzonnen hebben?

Bron: CEH 17 maart 2008
[Meer artikelen...]

Toch 6000 jaar oud?
Geplaatst: 14 maart 2008

Dit keer geen bericht uit de seculiere hoek, maar een artikel van Answers in Genesis dat mijn aandacht trok. Deze organisatie heeft hoog geschoolde wetenschappers in dienst die ondanks (of misschien wel dankzij) hun hoge intelligentie niet bang zijn om te beweren dat de aarde 'slechts' 6000 jaar oud is. Eťn van die mensen is Dr. Jason Lisle, de schrijver van het artikel, die blijkbaar citeert uit zijn boek "Taking Back Astronomy".
  Lisle legt uit dat de aarde en het heelal volgens de Bijbel (Exodus 20:11) in 6 dagen gemaakt zijn. Als je de geslachtsregisters van Adam (de eerste mens) tot Jezus Christus achter elkaar zet, kom je op grofweg 4000 jaar en als je daar de 2000 jaar van onze jaartelling bij optelt, krijg je dus ongeveer 6000 jaar voor de leeftijd van de aarde. Vandaag de dag zijn er veel mensen die dit niet serieus willen nemen. Geologen en astronomen claimen ten slotte meestal een leeftijd van 4,5 miljard jaar voor de aarde, wat ook op de meeste scholen geleerd wordt. Lisle vraagt zich af waarom zoveel wetenschappers de geschiedenis volgens de Bijbel negeren. Hij noemt vijf redenen:
  1. Cirkelredenatie: Veel wetenschappers geloven dat de aarde oud is omdat ze denken dat andere wetenschappers dat ook geloven. Hoewel ze vaak heel goed weten dat de feiten niet goed te rijmen zijn met een hoge ouderdom. Vaak denken geologen dat astronomen de antwoorden hebben vanwege hun kennis van het heelal en andersom denken astronomen de antwoorden te vinden bij geologen omdat zij menen te 'weten' dat de aarde oud is. De psychologische druk om mee te doen met de meerderheid is vaak erg groot.
  2. Evolutie: De meeste (zo niet alle) wetenschappers die in miljarden jaren geloven, geloven ook in evolutie van moleculen naar mensen. Evolutie vereist veel tijd en kan niet gebeurd zijn in 6000 jaar. Toch is het nog nooit waargenomen dat leven spontaan ontstond uit niet levende materie, noch dat een organisme evolueerde in een complexere soort. Deze 'wonderlijke sprongen' worden mogelijk gemaakt door die denkbeeldige lange perioden, want "de tijd zelf verricht de wonderen" (George Wald). Dat tijd alleen ook niet voldoende is, wordt vaak gemakshalve over het hoofd gezien. Evolutionisten moeten geloven in veel tijd, hun wereldbeeld staat niet toe dat de aarde slechts enkele duizenden jaren oud is, zelfs al is er geen bewijs voor de vermeende hoge ouderdom.
  3. Big Bang: Mensen die in miljarden jaren geloven, denken vaak ook dat de speculatieve 'Big Bang' theorie kan verklaren hoe ons heelal is ontstaan. Helaas hebben ook veel christenen zich deze theorie laten aanpraten. Wat de meeste mensen niet weten is dat de Big Bang ook grote problemen kent. Niet in het minst het feit dat de kosmische achtergrondstraling veel te regelmatig is. Delen van het heelal die volgens de theorie zo ver van elkaar staan dat er geen uitwisseling van (warmte-) straling mogelijk is geweest, blijken toch even 'warm' te zijn.
  4. Aannames: Naturalisme (de natuurwetten verklaren alles) en uniformitarisme (alles ging geleidelijk en langzaam) zijn veel voorkomende aannames. Het naturalisme laat uiteraard niet toe dat God de bovennatuurlijke Veroorzaker is. Dingen die op bovennatuurlijke wijze tot stand gekomen zijn, zullen in de ogen van een naturalist ouder lijken. Denk aan een volledig gevormde man (Adam) die na geschapen te zijn bijvoorbeeld 30 jaar oud lijkt. Datzelfde geldt natuurlijk ook voor het heelal. Veranderingen in de natuur gaan nu vaak langzaam (zoals vorming van bergen en radioactief verval). Daarom denken veel mensen dit te kunnen doortrekken in een ver verleden. Hierbij worden alle bewijzen genegeerd die laten zien dat deze processen in een recent verleden ook snel gegaan kunnen zijn. Ze zullen zeker het idee van een wereldwijde overstroming (zondvloed) ontkennen.
  5. Verre sterren: Het meest gehoorde bezwaar is natuurlijk het feit dat sterren zo ver weg staan. Het licht van die sterren moet er miljarden jaren over gedaan hebben om hier te komen. We zien ze, dus moeten ze al miljarden jaren bestaan, zo luidt de redenatie. Dit zou dan weer de Big Bang theorie ondersteunen. Er zijn echter verschillende manieren waarop het licht van de verst staande sterren hier in een paar duizend jaar heeft kunnen komen. Lisle haalt hiervoor een aantal bronnen aan en gaat er verder niet op in. (De belangrijkste argumenten verwijzen naar de effecten van relativiteit tijdens de scheppingsweek.) Maar wat hij eigenlijk wil zeggen is dat het hier om een denkfout gaat. Het argument van het verre sterrenlicht is gebaseerd op uniformitaristische en naturalistische aannames. Het gaat er vanuit dat het licht hier op een natuurlijke manier, met een constante snelheid, over een constante afstand gekomen is, waarbij ook nog eens de tijd constant was. Kunnen we wel logisch concluderen dat deze dingen altijd constant geweest zijn? Als je al bij voorbaat aanneemt dat de oorzaak van ons heelal niet bovennatuurlijk kan zijn, kun je nooit accepteren dat God alles in 6 dagen gemaakt heeft. Dan argumenteer je alleen op je eigen voorwaarden. Het is belachelijk om te zeggen dat een bovennatuurlijk ingrijpen niet mogelijk is, omdat het niet natuurlijk verklaard kan worden. Dat is weer een cirkelredenatie. Je kunt je wel afvragen of God natuurlijke middelen gebruikt heeft om de sterren te maken (en zo ja, hoe), maar als dat niet voor de hand ligt, is de logische conclusie dat het op een bovennatuurlijke manier gegaan is. Daar komt nog bij dat de snelheid van het licht juist een probleem is voor de Big Bang! Dit wordt het 'horizon probleem' genoemd.
  Verder argumenteert Lisle dat het geloof in miljarden jaren veel christenen ertoe heeft gebracht om water bij de wijn te doen waar het de betrouwbaarheid van de Bijbelse scheppingsgeschiedenis betreft. Vaak probeert men dan de miljarden jaren in het eerste hoofdstuk van Genesis in te passen. Daarvoor moet je gaan goochelen met het woord 'yom' (dag), om te proberen er lange perioden van te maken. De juiste vertaling van dit woord in de gegeven context is gewoon een dag van 24 uur, maar je krijgt ook problemen met de volgorde. Volgens de Bijbel werden de vruchtdragende bomen op de derde dag gemaakt, de sterren op de vierde dag en de vissen op de vijfde dag. Volgens de naturalistische benadering kwamen er eerst sterren, toen de vissen en daarna pas vruchtdragende bomen. Waar het volgens Lisle uiteindelijk om gaat is dat je moet beslissen wie je vertrouwt. De interpretaties van mensen of de Bijbel. Hierbij moet je volgens hem wel bedenken dat de Bijbel altijd de juiste informatie geeft waar het over dingen gaat die met astronomie te maken hebben. Meningen en interpretaties van mensen veranderen steeds, maar de Bijbel is al duizenden jaren onveranderd en ongeŽvenaard.

Het is waar dat mensen vandaag de dag het idee van een jong universum belachelijk maken, maar diezelfde mensen maken vaak ook het geloof in Jezus Christus als Schepper en Zoon belachelijk. De Bijbel is tot nu toe alleen nog maar bevestigd. Feiten spreken altijd in het voordeel van de Bijbel, of zijn neutraal. Hoe kijk jij naar de feiten? Doe je de naturalistische bril op? Of kijk je naar de feiten vanuit een Bijbels wereldbeeld? Die laatste benadering is onwankelbaar en altijd trefzeker. De eerste benadering zal je elke keer weer dwingen om je visie te veranderen, of nieuwe aannames te doen, omdat het niet te rijmen is met de feiten. Bedenk wel: als je niet kiest, kies je toch. Niemand kan ťťn van beide benaderingen 'bewijzen', maar ťťn van beide benaderingen is wel de juiste. Ze kunnen niet allebei waar zijn.


[Meer artikelen...]

Wat was er eerder: ei of kip?
Geplaatst: 10 maart 2008

De aloude vraag lijkt heropend bij het lezen van artikelen op LiveScience, EurekAlert (1) en EurekAlert (2). We lezen dat Darwin het bij het verkeerde eind had... tenminste over de oorsprong van onze huiskip. Hij bestudeerde de kippen als model voor evolutionaire veranderingen en dacht dat de gedomesticeerde kippen die wij kennen allemaal afstammen van het rode Kamhoen (zie WikiPedia) en zag deze als 'oerkip'. De gelige kleur in de poten van de kip wordt echter veroorzaakt door een gen dat niet voorkomt in het rode Kamhoen, maar in het grijze Kamhoen, dat gezien wordt als een andere soort. Dat schijnt het wat lastig te maken. Verder werd door de wetenschappers geopperd dat het gen ook "belangrijk" is voor de evolutionaire ontwikkeling van pigmentatie in soorten; zoals de roze kleur van de flamingo, de gele poten van veel roofvogels, zoals adelaars, valken en haviken, de roze spieren van de zalm en zelfs de huidskleur van mensen.

Hoezo, "belangrijk in de evolutie"? Dat gen kan best in zalmen en mensen voorkomen en voor pigmentatie zorgen, maar wat zegt dat over evolutie? Als je aanneemt dat ze een gemeenschappelijke voorouder hebben, komt dat gen volgens jou daarvandaan, maar als je aanneemt dat ze dezelfde Ontwerper hebben, heeft Hij gewoon een gelijksoortig onderdeeltje gebruikt. Onder fossielen vinden we geen wezens die half hagedis, half kip zijn. We vinden ook geen dieren die half kip, half adelaar zijn, samen met alle andere benodigde tussenvormen. Datzelfde geldt voor zalmen en mensen. Kortom, er is helemaal geen bewijs voor gemeenschappelijke afstamming. Alleen maar speculatie. Vogels zijn altijd vogels geweest, vissen zijn altijd vissen geweest, en mensen zijn... uh hoe noem je het ook al weer als ze niet verder kijken dan hun neus lang is? O ja, kippig.
Of zijn ze nou gewoon ei-genwijs?
Laat je niet voor de gek houden... Evolutie is niet zo vanzelfsprekend.


[Meer artikelen...]

Een rivier die omhoog stroomt?
Geplaatst: 7 maart 2008

Wetenschappers onderzoeken de Grand Canyon nu al 140 jaar. Je zou toch denken dat ze er nu wel een aardig goed beeld van hebben. Niet dus. De rol die de Colorado rivier heeft gespeeld bij het uitslijten van het landschap is nog steeds een "klassiek mysterie in de geologie", volgens Joel Pederson in een artikel in GSA Today1 (een tijdschrift van de Geological Society of America). Een gedeelte van het Colorado Plateau, waar de rivier doorheen stroomt, is namelijk hoger dan de rest: het Kaibab plateau. Als de Colorado rivier de Canyon inderdaad heeft uitgesleten, zoals seculiere geologen veronderstellen, dan moest hij eerst over een behoorlijke heuvel heen. Rivieren stromen normaal gesproken niet de heuvel op, dus moet er een oplossing voor dit dilemma gevonden worden. Het eerste waar je aan denkt is natuurlijk dat het Kaibab Plateau later omhoog gekomen is, maar die theorie stuit op problemen bij dateringen. Het Plateau zou er namelijk eerder zijn geweest dan de rivier. Voor een eventuele eerdere of andere rivieren is geen bewijs (zoals een rivierdelta). Pederson probeert wel een verklaring te vinden, maar loopt tegen twee problemen aan: (1) dateringen van formaties, gebaseerd op de geologische tijdschaal en (2) de aanname dat de formatie langzaam heeft plaatsgevonden, gedurende lange perioden. Hij ging niet in op eerdere onderzoeken die lijken aan te tonen dat de Canyon veel jonger is dan gedacht (CEH 30 november 2007). Hij ging ook helemaal niet in op het werk van creationistische geologen, die een catastrofale vorming voorstellen (de zondvloed).


1.  Joel L. Pederson, "The mystery of the pre-Grand Canyon Colorado RiveróResults from the Muddy Creek Formation," GSA Today Vol 18, Issue 3 (maart 2008), pp. 4-10.

Pederson kan voor zijn goede fatsoen in een blad van de GSA ook niet beginnen over creationistische geologie. De GSA heeft een duidelijke uniformitaristische inslag. Mensen die een catastrofistische kijk op de Canyon hebben worden vaak weggehoond door hun collega geologen. Toch blijkt steeds vaker dat formaties als de Grand Canyon wel degelijk snel kunnen ontstaan. Maar seculiere geologen blijven gevangen in hun uniformitaristische denkwereld. Ze kunnen schijnbaar niet anders. Creationistische geologen als Walt Brown en Steve Austin hebben aangetoond dat de Grand Canyon na de zondvloed ontstaan kan zijn doordat ingesloten meren ten noordoosten van de Canyon een dambreuk veroorzaakten. Hun modellen verklaren hoe de rivier door het plateau sneed zonder een delta achter te laten. Dit scenario verklaart ook een hoop andere geologische structuren. Bij Mt. St. Helens is ook een Canyon ontstaan toen een modderstroom door een dam heen brak (zie de zondvloed), wat door Steve Austin goed wordt onderbouwd in zijn boek "Grand Canyon: Monument to Catastrophe").
  Seculiere geologen negeren dit dus volkomen, omdat ze ervoor gekozen hebben de aarde als 'oud' te zien en geologische processen als 'langzaam'. Ergens in de negentiende eeuw hebben mensen als James Hutton deze ideeŽn populair gemaakt en sindsdien is het blijven hangen, in stand gehouden door invloedrijke personen. Bij nader onderzoek stuit men steeds op bewijzen voor catastrofale vorming, maar het schijnt geen indruk op ze te maken. Het hele idee van 'oude aarde' en 'langzame processen' past natuurlijk goed in het Darwinistische denkbeeld dat het leven door vele kleine veranderingen over een lange tijd ontstaan is. Die twee disciplines houden elkaar dan ook heerlijk de hand boven het hoofd. En probeer er maar eens tussen te komen met een Bijbels wereldbeeld. Je wordt compleet weggestemd. Hun argumenten stoelen echter meestal op een het-beste-wat-we-hebben verklaring. Het creationistische model is echter zeer goed onderbouwd en wint steeds meer terrein, ondanks dat het volslagen genegeerd wordt door mensen als Pederson. Hij nam niet eens de moeite om de modellen van Austin en Brown te bespreken, laat staan te weerleggen. Ach, misschien zou hij wel door de GSA verbannen zijn als hij ze genoemd had. De theorie van een dambreuk kan overigens best genoemd worden zonder 'creationistisch te klinken', omdat het helemaal stoelt op bekende natuurkundige processen. De zondvloed is echter wel de beste verklaring voor de gigantische binnenmeren die nodig zijn voor de formatie van de Grand Canyon.

Bron: CEH 5 maart 2008
[Meer artikelen...]

Het probleem van de wortel
Geplaatst: 5 maart 2008

Hoe vinden wortels hun weg door harde grond of zelfs door steen? Waarom duwen ze de plant tijdens het groeien niet uit de grond? Dit zijn vragen die alleen kinderen en wetenschappers stellen. Het antwoord hierop is echter ingewikkelder dan je zou denken. Science Daily geeft ons het verhaal, waarin professor Liam Dolan van het John Innes Centre in Norwich zijn bevindingen verwoordt. Wortels hebben een soort vacht van kleine haartjes. Die haartjes stellen de wortel in staat om zijn weg door de grond te vinden, zoals iemand in het donker op de tast zijn weg vindt. Dit gebeurt door middel van een complex systeem van eiwitten en signalerende moleculen. Als de wortel een obstakel tegenkomt, groeit hij net zo lang opzij totdat hij een nieuwe opening vindt. De plant blijft netjes op zijn plaats omdat de haartjes de wortel in de grond verankerd hebben, zodat hij niet kan verschuiven. "Dit opmerkelijke systeem geeft planten de flexibiliteit om een complexe omgeving te onderzoeken en te koloniseren, zelfs in grond waar je het minst van zou verwachten," aldus professor Dolan. "Het verklaart ook hoe zaailingen zo snel kunnen groeien wanneer ze zich gevestigd hebben."

De wortel van het probleem dat wij niet meer zijn zoals God ons bedoeld heeft, ligt voor een groot deel in het feit dat we geen vragen meer stellen. Onze trotse onafhankelijkheid scheidt ons van onze Schepper. Hij kan ons dan geen advies meer geven en we maken er vaak een rommeltje van (of erger, helaas). Als we zouden beseffen dat God onze Maker is, dat Hij de natuur om ons heen beter kent dan wij ooit zullen kunnen bevatten, dan zouden we eerst bij Hem en Zijn Woord te rade gaan voordat we een belangrijke beslissing nemen.
Van het kleinste stukje onkruid tot de grootste boom: planten zijn een wonder op zich. Sommige planten zijn in staat om door de hardste grond heen te groeien en zelfs graniet te breken. Californische Redwoodbomen kunnen voedingsstoffen van diep uit de grond tot meer dan 100 meter hoogte oppompen. Hoe doen ze dat? Het zijn dingen die we nog maar net beginnen te begrijpen. Als je alleen maar door een microscoop naar planten kijkt, mis je de grootste wonderen. Je kunt zien dat wortels zich een weg banen door de aarde, maar wat er precies gebeurt zie je pas op nano-schaal (op moleculair niveau). Het is gewoonweg wonderlijk. Wat bezielt mensen toch om te gaan beweren dat dit allemaal vanzelf is ontstaan? Dingen die niet leven doen dit niet. Alleen levende planten en bomen worstelen zichzelf een weg door de grond en zoeken een weg omhoog naar het licht, tegen de zwaartekracht in. Levende organismen gaan tegen de natuurwetten in door energie op te nemen en het te benutten volgens voorgeprogrammeerde, systematische processen. Er worden uiterst ingenieuze moleculaire machines gebouwd die allemaal ingewikkelde taken verrichten om het organisme in leven te houden. We weten nu dat ook 'eenvoudige' plantjes gebruik maken van deze technieken om zich een weg door de aarde te banen. Wie had dat gedacht? Probeer je niet schuldig te voelen wanneer je dit voorjaar je tuin van onkruid ontdoet...

Bron: CEH 4 maart 2008
[Meer artikelen...]

'Oplossing' geen verrassing voor creationisten
Geplaatst: 3 maart 2008

Bij LiveScience weten ze hoe ze moeten bluffen. De fossielen van de Burgess Shale zijn al lang een bron van heftige discussies, maar nu is de 'oplossing' toch echt gevonden, nadat de aardlagen millimeter voor millimeter zijn onderzocht onder de microscoop. Laat die 'oplossing' nou toevallig erg veel lijken op wat creationisten al lang beweren: ze zijn niet langzaam begraven, maar "dikke lagen [van versteende modder] werden allemaal tegelijk gecreŽerd, met zandkorrels en schelpfragmenten ertussen, die normaal naar de bodem zouden zijn gezonken". Toch ontkennen ze dat het bestaan van dit soort aardlagen een sterk bewijs is voor een wereldwijde zondvloed. Ze praten over het plotseling verschijnen van "alle belangrijke basisgroepen van dieren", wat overigens een sterk bewijs voor 'plotselinge' schepping is. Maar door die bijzondere gebeurtenis 500 miljoen jaar in het verleden te plaatsen (aan het begin van een 'periode' die ze het 'Cambrium' noemen - zonder daarvoor bewijs te leveren), klinkt het ineens aannemelijk. Of toch niet? Er wordt ook plompverloren beweerd dat (meercellig) leven zomaar ontstond, wat een scheikundige, natuurkundige, biologische en statistische onmogelijkheid is, al zou je er 500 miljard jaar voor uittrekken. Jan Zalasiewicz, een geoloog aan de Universiteit van Leicester in Engeland, gaf toe dat het plotseling ontstaan van al dat leven nog steeds "een mysterie" is.

Zie je hoe ze het steeds weer voor elkaar krijgen? De bewering dat het leven 'zomaar' ontstond wordt er gewoon tussen gedrukt. Nooit bewezen. Nooit verklaard. Het is een filosofie. Het is een wereldbeeld. Een "mysterie" noemen ze het... In de Burgess Shale zijn zelfs zachte delen van organismen bewaard gebleven. Hoe is het mogelijk dat afdrukken van zacht weefsel 500 miljoen jaar bewaard blijven? Zou het ook kunnen zijn dat de Cambriumlagen niet zo oud zijn als ze denken? Hoe meer we naar de feiten kijken en hoe meer er bekend wordt, hoe meer we zien dat die feiten veel beter in het verslag van de Bijbel passen. Wetenschappers hebben ontdekt dat het heelal een begin heeft; dat is precies wat de Bijbel ons leert. Materie is voornamelijk opgebouwd uit licht (God zei: "laat er licht zijn"), uit energie, uit een samenstelling van trillende 'krachten' in een voor de rest volkomen lege ruimte, die atomen vormen. Die atomen vormen weer moleculen, en die weer lange ketens met informatie (bijvoorbeeld eiwitten en DNA). Eigenlijk zijn dit woorden, zinnen en zelfs complete boeken. In feite zijn eenvoudige moleculen ook woorden: ze kunnen gezien worden als een reeks letters. Volgens de Bijbel is alles gemaakt door het gesproken Woord van God. Het bestaan van DNA als informatiedrager is een vrij recente ontdekking en het bevestigt de Bijbelse waarheid dat de aarde en het leven door woorden tot stand gekomen zijn. Het leven ontstond blijkbaar plotseling (Cambrische explosie) en afgezien van de tijdschaal die door veel wetenschappers wordt aangehouden, wordt hiermee de Bijbelse waarheid bevestigd dat al het leven in een 'korte tijd' verscheen. Veel van de profetieŽn die in de Bijbel staan zijn al uitgekomen (lees erover in de profetieŽn). Mensen worden ook vandaag de dag nog genezen en levens worden compleet veranderd wanneer ze in aanraking komen met de waarheden van de Bijbel, belichaamd in een Persoon: Jezus Christus (zie kader op de voorpagina). Lief Nederland, we hebben weer een reformatie nodig. We moeten terug naar het Woord. Laten we de Bijbel weer gaan vertrouwen en de Schepper van hemel en aarde aanroepen, zodat hij ons weer kan aannemen als 'zoon' (een titel: 'erfgenaam' - die ook voor dochters geldt natuurlijk ;-)
Onderzoek het, lees deze site en volg de links!


[Meer artikelen...]